Blauw op straat alleen is niet genoeg. Ook in de digitale wandelgangen zoekt de politie toenadering tot de burger. Een nieuw fenomeen: de twitterende wijkagent. Nederland telt er zo’n vijftig. Deze pioniers zien Twitter als ideaal middel om de benaderbaarheid van de politie te vergroten. Maar openheid brengt ook risico’s met zich mee, vindt politievakbond ACP, die vorige week pleitte voor landelijke regels voor het gebruik van sociale media.
Oom wijkagent is van oudsher de meest benaderbare politieman en dat de bewoners van zijn wijk zijn 06-nummer hebben, is de normaalste zaak van de wereld. Maar Twitter gaat een stap verder, omdat de agenten op eigen houtje – zonder tussenkomst van een persvoorlichter – met een groter publiek communiceren.
Zoektocht
‘Wat je wel en niet kunt twitteren, is een zoektocht’, beaamt Frank Smilda, die een Twitteroffensief van het Groningse politiekorps coördineerde. ‘Zeker in het begin. Vorig jaar twitterde één van onze agenten dat ons computersysteem gecrasht was. Zoiets wordt direct opgepikt door Geenstijl.’
‘Er is veel enthousiasme, maar ook weerstand’, zegt Marga van Rijssel, ‘vooral voor oudere agenten is het wennen.’ Van Rijssel houdt de opmars van de twitterende agent minutieus bij op de website Politie 2.0, opgericht om het gebruik van moderne media onder agenten te vergroten.
Van Rijssel hoopt dat meer agenten gaan twitteren. Want vijftig is niet veel: alleen al in de regio Amsterdam-Amstelland zijn 210 wijkagenten actief, al heten ze daar dan buurtregisseurs. ‘Natuurlijk zijn er risico’s, maar het is een ideaal middel om met burgers te communiceren.’
In Groningen zijn ze het verst. Het korps heeft een strategie met do’s en don’ts opgesteld. Opsporing, voorlichting en preventie worden genoemd als belangrijkste doelen van politietweets. Maar agenten mogen ook wel iets van hun persoonlijkheid laten zien. Smilda: ‘Ze moeten geen foto’s van hun dronken kop op het web zetten, maar ze mogen best vertellen dat ze naar een leuk feestje zijn geweest.’
Halve zool
‘Twitter werkt hetzelfde als de normale maatschappij, daar moet je je ook niet als een halve zool gedragen,' zegt Bas Slutter (30). Slutter is wijkagent in Sassenheim, korps Hollands Midden. Hij was vorig jaar de allereerste wijkagent die twitterde.
Slutter begon gewoon ‘in het wilde weg’ te twitteren over wat hij zoal uitspookte. Van tevoren meldde hij het wel even de afdeling communicatie. Daar zeiden ze: ‘Ga je gang, als je je gezonde verstand maar gebruikt.’
Op een normale werkdag stuurt Slutter zo’n vijf tot tien tweets. Dat doet hij gewoon lopend of vanuit de auto. Of het de aandacht niet van z'n werk houdt? ‘Nee, zo’n tweet kost dertig seconden.’ Een kleine moeite, met een groot resultaat, vindt Slutter. 'Ik kom weleens mensen op straat tegen die zeggen: hé, ik herken je van twitter.’ Hij zegt te merken dat het de tevredenheid van bewoners vergroot.
Peter Boekweg (47), wijkagent in het Groningse Haren, was sceptisch toen hij een jaar geleden werd benaderd voor een Twitterexperiment. Nu is hij een fanatiek twitteraar met meer dan 400 ‘volgers’ in het dorp. Boekweg voegt bewust een persoonlijke noot toe. ‘Ik doe er iets van mezelf bij. Dat verlaagt de drempel. We moeten leren iets minder stijfjes te zijn.’
Bron: Volkskrant





